Terug
Hoger
Na de oorlog kwam alles weer aardig op gang en konden de muziekinstrumenten weer snel geleverd worden.
Vooral nadat een eigen muziekwinkel met een groot leslokaal aan de Zwanestraat gerealiseerd werd, verschenen regelmatig advertenties in de krant met als slogan: “Da’s vast een kast van Jan Holvast”.
De mensen kregen meer financiële ruimte om een al dan niet gebruikte accordeon aan te schaffen en bovendien konden ze ook gehuurd worden met recht van koop. Alles was mogelijk en men wilde plezier en snel de oorlog vergeten.
Leerlingen, die goed presteerden, werden beloond met een cijfer of een aandenken zoals een gouden speldje. Dat gaf de wil “hogerop” te komen in een andere groep. Een aantal leerlingen bleek onafscheidelijk, enkelen bleven zelfs 30 jaar lessen!
Dat zegt nogal wat. Ook de jaarlijkse succesvolle uitvoeringen in de Harmoniezaal droegen daaraan bij.
Omstreeks 1960 hadden Jan en Pietie één werknemer als docent, dit zou later uitgroeien tot acht personen temeer daar toen de gitaar populair werd en Jan ook daarop les ging geven.
“Wat een gezellige tijd,” zucht Jan Holvast, Pietie lacht en zegt: “We hadden nog een 15-persoonsorkest met regelmatig werk en met ons tweeën verzorgden we ook nog elders optredens als accordeonduo “De Hollini’s” maar dat werd toch teveel en daar zijn we in 1963 mee gestopt. Ons leven stond in het teken van het accordeon, we stonden ermee op en gingen ermee naar bed.”
“We hebben het nu ook naar onze zin, we hebben de zaak in 1981 verkocht. Gemiddeld hebben we 500 leerlingen per jaar opgeleid w.o. tot hoog niveau, ruwweg een 10.000 leerlingen, da’s knap toch?” zegt Jan.
Zoon John Holvast, geen onbekende in accordeonland, was een leerling van hem en is nu docent aan het conservatorium in Arnhem.
Nieuwsgierig vroeg ik of Jan Holvast nog accordeon speelde en ik kreeg als antwoord, dat hij niet meer actief is en eigenlijk alleen wat knutselt en schildert en geniet van hun samenzijn. “We wonen hier aan de rand van het Paterswoldsemeer en denken nog vaak aan onze fijne muziekperiode. Wat wil je nog meer dan zo oud worden?” Tja, daar had ik geen antwoord op, dat is natuurlijk zo.
Bij mijn tweede bezoek aan de familie Holvast kreeg ik het idee, dat de goede baas nog enthousiaster was geworden.
Ik vroeg wat voor accordeon hij nog had. Een deur van een klein kamertje met uitzicht over het meer werd geopend en daar stonden warempel twee machtig mooie knopkasten. Ik zag in een oogwenk dat Jan Holvast, oud-directeur en grondlegger van de “Eerste Groninger Accordeonschool” nog steeds aan het musiceren was gezien de vele potloodaantekeningen op de bladmuziek die bij de accordeons lag.
Geen wonder, hij componeerde in vroegere jaren ettelijke liederen zoals Marche des Accordéonistes, Als ik terug in mijn dorpje kom (1940), Het liefste plekje en dan triolen, musettes, walsen, marsen, polka’s…teveel om op te noemen!
Ook het schrijven van arrangementen voor artiesten, opera’s en orkesten was geen probleem. En meerdere lesboeken zijn gevolgd.
Muziek houdt nooit op, of toch…?
Kor A. Hagenouw
Roden