Jaargang 3, 1e kwartaal 1993, nummer 2

Harmonikabouwer Noud Martinali

'Als je een dubbeltje over houdt, ben je nog nooit iets tekort gekomen'

Vanuit zijn knusse huisje met uitzicht op weilanden en bos gaat Noud Martinali, harmonikabouwer van professie, ons voor naar zijn kleine, keurig opgeruimde en efficiënt ingedeelde werkplaatsen achter zijn huis.
Zijn hond gaat mee naar binnen en begint zich opdringerig met het gesprek te bemoeien.
Bedaard en rustig wordt hij door z'n baas weer buiten gezet.

Bedaard en rustig, zo kun je Noud wel omschrijven.
Eigenschappen, die onontbeerlijk zijn voor het secure monnikenwerk waarvan we de resultaten binnen zien.
Het meest op foto's, want onze ambachtsman uit Kronenberg bouwt uitsluitend in opdracht.
Een serie maken, daar gruwt hij van.

Timmerman
"Ik doe helemaal niks in serie. Daar heb ik geen zin in. Een markt is er wel voor, het is me al meer gevraagd, ik zou het er druk zat mee hebben, maar ik doe het niet. Iedere monika die ik maak is weer anders. Van oorsprong ben ik timmerman, meubelmaker en zoals vroeger de meubelmaker elke kast anders maakte zo maak ik elke monika die ik bouw anders. Dat vind ik het mooiste en dan voel ik me het gelukkigst."

En je portemonnaie? Is die daar ook het gelukkigst mee?
"Een vetpot is het niet, maar ik zeg altijd: Als je een dubbeltje overhoudt, ben je nog nooit iets tekort gekomen. We gaan nooit op vakantie, want als ik hier naar buiten kijk heb ik een mooier uitzicht dan mensen op een camping. En als ik een uurtje in de stad loop heb ik al koppijn. Ik zit hier heerlijk rustig en toch zelden alleen. Want als ze een basknopje nodig hebben blijven ze soms de hele middag. En wegsturen is er hier niet bij. Dan werken we 's avonds maar door om klaar te komen."

We willen wel eens weten hoe lang Noud Martinali erover doet om een harmonika te bouwen.
"Gruwelijk lang. Misschien 200 uur, maar het kan ook 300 of 400 uur zijn."

Maar dat moet je toch weten voor de prijs?
"Als ik dat werk per uur moest gaan rekenen kocht niemand van mij een monika. Het bouwen geeft natuurlijk inkomsten, maar je kunt er niet van leven. Dan dien je toch in serie en anders te gaan werken. Maar dan zijn het mijn monika's niet meer. Want de een wil een gebloemde balg, de ander met een stipke. De een wil balghoekjes van messing en een ander wil nikkel. Dat moet allemaal kunnen. Nu maak ik de gekste dingen waar de mensen om vragen. Hier bijvoorbeeld, je kunt het een soort blaasharmonika noemen. Het is in feite een 1-rijertje maar dan zonder balg. Dat zijn je longen."

Eén bas
"En hier, deze foto. Zo'n instrument heb je nog nooit gezien. Er kwam een man hier die niet zo goed kan spelen en toch wou meespelen in zijn carnavalsorkestje. Maak er maar een met één bas, zei hij, daar heb ik zat aan. Ik zeg tegen hem: ik kan toch geen monika maken met één bas. Enfin, ik heb het hem een beetje uitgelegd en gezegd, dat ik er twee bassen op zou maken. Nu de andere kant nog, zei ik. Daar hoeft niks op, zeidie. 't Is maar dat ik mee kan doen. Nou goed, heb ik daar maar een paar bellen opgezet. Dus je kunt hier op het knopje duwen en dan komt er ping-ping en hoempapa. 'n Soort ritmebox. Nou kan hij meespelen, want als er niks op zit, dan hoeft hij ook niks te leren."

Diploma van Hohner
We kijken naar de muren van zijn werkruimtes en zien, naast een aantal foto's van bekende harmonikaspelers die allemaal een echte Martinali op de 'slip' hebben, een officieel diploma van Hohner hangen waarin wordt verklaard dat onze gastheer als erkend accordeonreparateur en -stemmer wordt beschouwd.

Authentiek bouwen
Rondlopend bekijken we de harmonika's die er staan en door Noud zijn gebouwd. Prachtige versieringen van gekleurd hout, de naam mooi uitgezaagd en alles minutieus afgewerkt. Er hangen stroken met versieringen waaruit de toekomstige harmonika-bezitter kan kiezen. De (in onze ogen) lelijke schroeven horen er ook in, want vroeger gebruikten ze dezelfde. En Noud heeft de bedoeling zo authentiek mogelijk te bouwen.

Lepelbassers
"Als ik een beter idee heb dan doe ik dat wel eens, maar dit type lepelbassers bijvoorbeeld moet gewoon zo blijven als ze vroeger ook waren. En dan heel mooi afgewerkt met, net als hier,een houtjes-klavier. Verder breng ik uit mezelf wel verbeteringen of wijzigingen aan. En als iemand een bas meer wil of een extra hulptoon, dan doe ik dat ook wel."

Wordt de kast dan niet te lomp?
"Een harmonika is nooit te lomp. Als je die vergelijkt met een accordeon, die is eens zo zwaar."

Wat is er zelfgebouwd aan een 'handgemaakte' kast van Noud Martinali?
"Alles, ook de balg. Kijk maar, hier ligt karton om te vouwen. Ook de balghoekjes. In het begin heb ik moeite gehad met het goed sluitend maken van de balg, maar nu sluit hij perfect. Bij de lepelbassers maak ik iedere lepel zelf. De ventielen zijn van kunststof. Maar als je persé leer wilt hebben, krijg je leer. Mij maakt het niet uit."

Kunststof ventielen
"Toch, als je nou een Hohner pakt van 40 jaar geleden met kunststof ventielen (want die hadden ze toen ook al) die zijn nog goed. En leer wordt op den duur hard en stug. Dat neemt vocht op. Qua geluid is er ook geen verschil. Dat hangt van de muziek af die er in zit." "Tegenwoordig worden er ook wel blokken van kunststof gemaakt. Maar dat doe ik toch niet. Ik zie toch liever hout." "Het enige wat ik koop zijn de tongen. Het komt wel eens voor dat ik er eentje moet maken, maar dat is een uitzondering. En dan komt natuurlijk nog het stemmen. Dat ik op deze stemtafel."

Je kunt veel bereiken met stemmen?
"Dat zeggen ze, ja. Maar als ze met een klein Weltmeistertje hier komen kan ik het natuurlijk niet het geluid van een grote Crosio geven. Dat is logisch, maar soms verwachten ze dat van je."

Je bouwt ook accordeons? Het accordeon, die door een van de groep van Rowwen Hèze wordt bespeeld is door jou gebouwd.

"Ja, als ze erom vragen en ik kan het maken en ik heb er ook nog zin in, dan doe ik het. En als ik het niet kan, doe ik het niet. Dus ik bouw geen grote 120-basser maar wel een klein simpel accordeonneke en dan 2- of 3- korig. "Of bijvoorbeeld, wat je hier ziet staan, een bandonika. Dat is een harmonika in een bandoneonvorm. Dus een echte harmonika, dat was opdracht en ik vond dat zo leuk, daar heb ik er twee van gemaakt."

Goed, de harmonika is klaar. Je hebt hem gestemd en nu de koffer.
"Die maak ik niet. Dat kunnen mijn klanten handig goed zelf. Je maakt een vierkante houten doos en die zaag je doormidden. Klaar. Past altijd. Als je nou zo'n slimmerd hebt die twee aparte helften gaat zitten maken, dan wil het nog wel eens niet passen."

Tussen de fotoboeken ligt een voorloper van de Wehkamp gids uit 1913. Je kon toen een handharmonika bestellen voor f 26,-. De lepelblasser kan nu bij Noud besteld worden. Hij maakt hem niet voor f 26,- want dan houdt hij zelfs het dubbeltje niet meer over.

In alle jaren dat hij nu bezig is, hebben velen de weg naar Kronenberg gevonden.
Er zijn natuurlijk heel wat leuke dingen te vertellen over die jaren, maar wat was nu al die jaren eigenlijk het ergste om te doen?

"Het ergste om te doen?"
"Reparaties aan accordeons of monika's waar mensen zelf al eerder aan geprutst hebben. Ik heb wel kasten aan getroffen waar iets met kauwgom was vastgezet. Of met kaarsvet, waarbij dan het een en ander over de muziek was gelopen. En dan zetten ze er soms van die schroeven in waar je een garagedeur mee af kan hangen. Die vernielen het gewoon. Dat is erg."

Tot slot: subsidie
"Subsidie?"

Ja, jullie bouwers zouden subsidie moeten hebben. Jullie houden een ambacht levend.
"Subsidie. Die hoop ik nou echt nooit nodig te hebben."

Noud Martinali speelt 'Sennengruß' op een van zijn lepelbassers (opname 1999).