Terug
Hoger
Volgens het woordenboek is een symposium in de oorspronkelijke betekenis een drinkgelag met tafelgesprekken en gezellige omgang, nu wordt er een wetenschappelijke bijeenkomst ter bespreking van een bepaald onderwerp mee bedoeld Op het symposium in Polen, gewijd aan het accordeon, waren beide betekenissen van toepassing. Het boeiende verslag hiervan werd geschreven door Els Rollé.
Op 7, 8 en 9 maart 1991 heeft in Polen het internationale symposium ‘ACCORDION - TRADITION, ACTUAL SITUATION , FUTURE DEVELOPMENT’ plaatsgevonden. Tijdens dit symposium is een organisatie onder de voorlopige naam ‘International Council of Accordionists’ opgericht. Uitnodigingen om deze bijeenkomst bij te wonen waren door de heer Lech Puchnowski en de heer Mogens Ellegaard verspreid (o.a. in de Internationale Accordeonweek, april 1990 in de IJsbreker te Amsterdam).
Kort samengevat wil de nieuwe organisatie het isolement waarin accordeonisten zitten doorbreken en er door middel van open communicatie, zowel binnen als buiten de accordeonwereld, voor zorgen dat het accordeon door iedereen als een volwaardig muziekinstrument erkend wordt. Om dat doel te bereiken zullen internationale symposia, meestercursussen, festivals voor accordeonmuziek, uitwisseling van docenten, van uitvoerende musici, van muziek enz. georganiseerd worden. Verder bestaat het plan om regelmatig een internationaal nieuwsbulletin uit te geven met daarin informatie over nieuwe muziek, geluidsopnamen, optredens en belangrijke evenementen.
Tijdens de oprichtingsvergadering zijn, om de start van de organisatie mogelijk te maken, de volgende voorstellen aangenomen:
Mocht u geïnteresseerd zijn in deze organisatie en meer informatie willen (bijvoorbeeld over de statuten, het nieuwsbulletin, een eventueel lidmaatschap): zo spoedig mogelijk krijgt iedereen die deelgenomen heeft aan het symposium alle benodigde gegevens thuisgestuurd. Aangezien ik een van de deelnemers was en het belangrijk vind dat die informatie zoveel mogelijk verspreid wordt heb ik dit artikel geschreven, in de hoop dat de inhoud daarvan zo veel mogelijk doorgegeven wordt. Zodra ik de rest van de informatie tot mijn beschikking heb ben ik graag bereid deze door te geven aan wie laat weten daar prijs op te stellen.
Tot zover het min of meer formele verslag van de vergadering waarin de nieuwe organisatie voor accordeon werd opgericht. Misschien is het goed om ook iets meer te vertellen over de rest van het symposium.
Alle deelnemers moesten zich de ochtend van de eerste dag melden in de hal van het Fréderic Chopin Conservatorium in Warschau, waar dit jaar gevierd wordt dat hier 25 jaar accordeononderwijs gegeven wordt. Van daaruit vertrokken we gezamenlijk naar Mietne, een klein dorpje ten zuiden van Warschau, waar een grote schoolcampus staat. Een deel van die campus wordt gebruikt als congresruimte. Daar zouden we met ongeveer 70 deelnemers (uit ongeveer 14 verschillende landen) drie dagen verblijven.
Op het programma van het symposium over ‘Verleden, heden en toekomst van het accordeon’ stonden naast de oprichting van de nieuwe internationale organisatie voor accordeon ook concerten en lezingen.
Tijdens de dagelijkse concerten werd Poolse muziek (vanaf 1975) uitgevoerd door Poolse musici. Natuurlijk stond het accordeon centraal, als solo- en als kamermuziekinstrument.
De ongeveer 20 lezingen werden gehouden door mensen die als uitvoerend musicus, als pedagoog of als componist een belangrijke rol spelen in de accordeonwereld. Alle lezingen waren in het Engels uitgetypt en vooraf aan alle aanwezigen uitgedeeld. Op deze manier kregen we een aardig overzicht van hoe er in de verschillende delen van de wereld gedacht wordt over verleden, heden en toekomst van het accordeon.
Enkele (helaas geen Nederlandse) sprekers waren:
Lech Puchnowski, de gastheer van het symposium, een leidende figuur in de Poolse accordeonwereld die waarschijnlijk niet voor niets ooit ‘Push’nowski genoemd werd. Hij vertelde dat Polen een arm land is, maar wel een overheid heeft die veel geld besteedt aan opleidingen en verenigingen en dergelijke. Zodoende beschikken Poolse accordeonstudenten over voldoende faciliteiten voor een goede opleiding. De angst dat dit zal verdwijnen is groot nu de grenzen tussen oost en west open aan het gaan zijn.
Daartegenover stond een verhaal van Joan Sommers, die vertelde dat er in de rijke Verenigde Staten juist geen subsidies en geen faciliteiten zijn. In dat grote land zijn bijvoorbeeld zo weinig stemmers, dat wanneer iemand daar al een reis onderneemt om een accordeon te laten stemmen, het instrument zeer ontstemd is tegen de tijd dat het weer thuis is. Zij pleitte mede daarom ook voor betere samenwerking tussen accordeonbouwers zodat er goede en betaalbare instrumenten voorhanden komen (en joeg instrumentenbouwer Borsini tegen zich in het harnas toen ze voorstelde ons op Japan te oriënteren als westerse bouwers niet meewerken).
Matti Rantanen vertelde dat Finland zowel geld, als subsidies, als faciliteiten heeft. Vandaar het aanbod om het secretariaat van de nieuwe organisatie in Finland te vestigen.
Natuurlijk sprak ook de geestelijk vader van het accordeon Mogens Ellegaard, iemand die door velen een levende legende wordt genoemd.
Belangrijk was Friedrich Lips, de man die niet alleen als musicus en pedagoog veel respect afdwingt: wanneer tijdens bovengenoemde oprichtingsvergadering even niet meer duidelijk was wat er nu afgesproken was of moest worden stond Lips op, formuleerde een aantal kritische samenvattingen, vragen en voorstellen, en heeft er zo mijns inziens voor een groot deel toe bijgedragen dat er spijkers met koppen geslagen konden worden en dat de nieuwe organisatie kon worden opgericht.
Verder sprak ook Alfred Mirek die in de Sovjet-Unie een indrukwekkende hoeveelheid accordeons verzameld heeft.
Hans Luck, uit de voormalige DDR sprak over zijn ‘kind’ het Klingenthal Festival, een festival dat dit jaar onder andere door de Duitse hereniging waarschijnlijk voor het laatst gehouden zal worden.
De Pool Bronislaw Przybylski gaf als componist een visie op het accordeon. Hij zei onder andere dat componisten die zoals hij al vele jaren voor accordeon schrijven, groot onrecht wordt aangedaan wanneer alsmaar gezegd wordt dat er niet genoeg geschreven wordt voor het instrument. ‘
Het ligt niet aan de componisten dat de literatuur vaak niet beschikbaar is.’
En zo waren er nog vele andere sprekers.
Wat het symposium zeker ook interessant maakte waren de koffiepauzes, de gezamenlijke maaltijden en de avonduren die voor een groot deel werden doorgebracht in het café.
(Dit café was een kleine ruimte in de campus waar een paar Poolse accordeonstudenten met hun instrumenten de zaak aardig vermaakten. Zo overtuigd als zij overdag muziek van bijvoorbeeld Przybylski speelden, zo overtuigd konden zij 's avonds heel cabaretesk voor de Amerikaanse Joan Sommers ‘Love me tender’ spelen, of ‘Kalinka’ als de Rus Friedrich Lips binnenkwam en zelfs onze ‘Tulpen uit Amsterdam’ moesten er even aan geloven.)
Er werden in de ‘wandelgangen’ zoals dat heet, heel wat persoonlijke ervaringen en gedachten uitgewisseld. Niet alleen over verleden, heden en toekomst van het accordeon, maar ook over cultureel, maatschappelijk en politiek verschillende achtergronden van de deelnemers. Vooral dit laatste maakte dat zo'n symposium, gehouden in een Oostblokland met veel Oost-Europese deelnemers, juist nu er in Oost-Europa zoveel aan het veranderen is, niet alleen op accordeongebied een heel indrukwekkende gebeurtenis was.
De Oost-Duitsers hebben angst om onder de voet gelopen te worden door de West-Duitsers en zo hun eigen identiteit en datgene wat zij zelf hebben opgebouwd te verliezen. De Polen lijken wel hun eigen identiteit te behouden maar vragen zich af of hun land financieel sterk genoeg kan blijven om te behouden wat het nu aan culturele voorzieningen heeft, en zo is er nog veel meer.
Ook voor de internationale accordeonwereld zal een en ander vérstrekkende gevolgen hebben. Niet voor niets heeft Puchnowski aan Luck gevraagd over Klingenthal te spreken, en noemde hij het een historisch moment, omdat dat de laatste keer was dat er actueel over dit festival gesproken kon worden. En niet voor niets deed Puchnowski daarom een bijna emotionele oproep aan de deelnemers van het symposium om Luck een extra lange spreektijd te geven.
‘Indrukwekkend’ was toch het goede woord voor dit symposium in Polen.
Els Rollé, maart 1991