Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Terug Hoger  
KlankKoekje

De bajan, een oude onbekende? (1)

Toen mij als een van de weinige bajanspelers – zo niet de enige? – in het zuiden van Nederland werd gevraagd of ik een artikel wilde schrijven over de bajan, heb ik met een volmondig JA geantwoord.

Jaargang 1, 1e kwartaal 1991, nummer 2
Klank door Ad de Jong

Wat fijn, dacht ik, dat ik de bajan eens in de schijnwerpers mag zetten, want veel mensen – en daar horen ook accordeonisten bij – weten nog steeds niet waar je het over hebt, als je zegt dat je bajan speelt.
In de wetenschap dat dit artikel zowel door bajankenners als niet-bajankenners gelezen wordt, heb ik getracht zo min mogelijk jaartallen of technische gegevens te gebruiken en me te richten tot de niet-bajankenner en de algemeen accordeongeïnteresseerde lezer.

Alvorens de kenmerken te belichten waarin de bajan zich onderscheidt van het “gewone” accordeon, wil ik even samen met U terugblikken op de historie van het instrument.

Geschiedenis

Sinds Cyrill Demian op 5 mei 1829 in Wenen patent had verkregen voor zijn uitvinding “ACCORDION”, is er veel veranderd en verbeterd aan dat instrument. Vooral door verbeteringen en veranderingen in de eerste decennia na 1829, heeft het accordeon een redelijk snelle verbreiding gekend over heel Europa. Hieruit kun je meteen al de grote populariteit van dat instrument afleiden.

In 1840 zijn er ons drie werkplaatsen bekend in Rusland waar men accordeons bouwde.
Deze drie (Timofei, Vorontzoff en Sizoff) zijn allen gelegen in Toela, een plaatsje wat ongeveer 150 km. ten zuiden van Moskou ligt. Stelt U zich geen luxe atelier voor met hoogwaardige technologie, want zoals ook bij de meeste fabriekjes in West-Europa het geval is, is men daar in een oude schuur of op een zolderkamer begonnen. Overigens overdrijf ik niet, als ik zeg dat er zelfs tegenwoordig nog heel wat accordeonmerken in een dergelijke ambiance gebouwd worden; ook in West-Europa.

In 1870 ontwikkelde Nicolai Ivanoritch Beloborodov (1827-1912) eveneens in Toela, een drie-rijïge chromatische knopaccordeon: de BAJAN. Deze bajan had nog geen registers en was zeer lichtzwevend gestemd.
Ook dit instrument heeft een hele metamorfose ondergaan om te komen tot wat we nu verstaan onder een bajan. Dat die bajan goed geklonken moet hebben kun je afleiden uit het feit dat bekende Russische componisten dit instrument gingen gebruiken in hun composities.
Zo gebruikte Glinka (1804-1857) de bajan in zijn compositie “Roestan en Loedmila” van 1842. In 1883 componeerde Tsjaikovsky (1840-1893) in zijn tweede Suite in C majeur ook een accordeonpartij.

De bajan

De bajan is dus een Russische knopaccordeon.
Het woord bajan is afgeleid van bojan. Een bojan is een troubadour-achtige figuur uit het Middeleeuwse Rusland, die voor de verspreiding en populariteit van het Igorlied heeft gezorgd. De klemtoon ligt overigens op de laatste lettergreep en U mag het als ba-jáán uitspreken.

Rubriek KENMERKEN, onder te verdelen in:
- A. uiterlijke kenmerken
- B. inwendige kenmerken
- C. klankkenmerken

A. Uiterlijke kenmerken

Wanneer U naar een bajanconcert of –recital gaat zult u meestal een 5-rijïge knopaccordeon aantreffen. U ziet verder weinig verschil met een “gewone” knopaccordeon, ware het niet dat er zeven tot tien kinregisters op kunnen zitten.
Dit biedt speeltechnisch natuurlijk vele voordelen, als U bedenkt dat het mogelijk wordt om tijdens het spelen van klankkleur te veranderen als dat nodig is.
De opmerkzame concertbezoeker zal aan de baskant een lang dun register zien. Dit register zorgt ervoor dat het standaardbasmanuaal omgeschakeld kan worden naar Melodiebasmanuaal.
Deze oplossing om te besparen op het gewicht en de kastomvang, biedt eveneens vele voordelen. Alle accoordbassen worden melodiebassen waardoor de melodiebassen beter binnen handbereik komen te liggen.
Denk maar eens aan het onhandige gedoe bij drie of vier extra rijen melodiebassen vóór het standaardmanuaal. Het omschakelregister (de convertor) maakt het tevens mogelijk de duim als vijfde speelvinger te gebruiken.
Een ander voordeel is het kunnen gebruiken van de grondbassen als tonen van een orgelpedaal. Bij het Melodiebasmanuaal is er ook nog verschil tussen een Russische bajan en een in het Westen gebouwde bajan.
Bij de Russische bajan lopen de melodiebassen in toonhoogte naar de knie omlaag.
Bij een Westerse bajan lopen de melodiebassen in toonhoogte naar de knie omhoog, net als bij het diskantgedeelte..

Ad de Jong is naast bajan-speler ook docent accordeon in Oosterhout, Berkel-Enschot en Beek en Donk.

Volgende keer: inwendige kenmerken en klankkenmerken