Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Advertentie Klank.nl Terug Hoger  
KlankKoekje

Accordeon en voetbas in België

In de West-Europese accordeontraditie van vandaag is de Belgische inbreng haast niet meer te onderscheiden van die van de omringende landen. Zoals elders bespeelt men ook hier bijna alleen Italiaanse en Duitse modellen. Ook de speelstijl en het repertoire moeten in een ruimere grensoverschrijdende context gezien worden.

Jaargang 1, 1e kwartaal 1991, nummer 2
door Hubert Boone
Klank.nl

Nochtans was de situatie vroeger helemaal anders en tot kort vóór de Tweede Wereldoorlog kon ons land zich beroemen op een uitzonderlijke grote diversiteit.

Door de onderlinge wisselwerking van de Brusselse, Vlaamse en Waalse ateliers, en door de buitenlandse inbreng, ontwikkelden zich verschillende bouwtechnieken en klaviersystemen.
Alleen al voor de moderne unisonore accordeons (de zogenaamde chromatische) kende men in België niet minder dan negen concepten voor het discantklavier.
Bij de oudere bisonore (de zogenaamde diatonische) en hybride instrumenten die door Belgische ateliers vervaardigd of geassembleerd werden, was de diversiteit nog groter. Ons land kende waarschijnlijk meer systemen dan Italië, Duitsland en Frankrijk samen!

In de monografie Het accordeon en de voetbas in België worden al de typische kenmerken van de in ons land gebouwde of geassembleerde instrumenten uitvoerig beschreven. De auteur Hubert Boone bestudeerde het accordeon hoofdzakelijk als instrument in de traditionele volksmuziek van onze gewesten.
Hij begon zijn eerste opzoekingwerk in 1972 met een onderzoek naar de activiteiten van het atelier van Felix en Eugène Callewaert in Lichtervelde, en van de merkwaardige school van bouwers en uitvinders van Auvelais en Namen.

De monografie is opgevat volgens de normen van het Handbuch der europäischen Volksinstrumente en ingedeeld in zes hoofdstukken:

  1. Terminologie (de auteur vermeldt meer dan 20 lokale Vlaamse benamingen voor het accordeon)
  2. Ergologie
  3. Speeltechniek en muzikale mogelijkheden
  4. Repertoire
  5. Gebruik
  6. Geschiedenis en verspreiding

De studie omvat 260 pagina’s en is gedocumenteerd met 14 klavierschema’s, 5 getranscribeerde melodieën, 6 technische plannen, 18 detailafbeeldingen, 32 afbeeldingen van instrumenten (waarvan 11 in kleuren) en 42 foto’s van spelers en ensembles.
In hoofdstuk 6 geeft de auteur een overzicht van alle Belgische ateliers waar accordeons gebouwd en geassembleerd werden.
Ook de voetbas, die volgens hetzelfde principe functioneert als het accordeon, wordt uitvoerig beschreven.

De auteur Hubert Boone is lid van de Koninklijke Belgische Commissie voor Volkskunde en wetenschappelijk medewerker aan het Instrumentenmuseum van Brussel. Buiten verscheidene artikelen kennen wij van hem al drie monografieën over volksinstrumenten in België: de hommel (1975), de doedelzak (1983) en de mondtrom uit 1986.
Dit schitterende boekwerk is verkrijgbaar bij Uitgeverij Peeters, Bondgenotenlaan 153, 3000 Leuven. In Nederland verkrijgbaar bij boekhandel Van de Moosdijk, Collector Books, in Someren.